Opbouw van 3 naast elkaar liggende pionnenvierkanten (Veld 1, Veld 2, Veld 3). Er worden 3 teams van elk 5 spelers gevormd (Team rood, Team blauw en Team geel).
Verloop
Het spel start in de volgende opstelling. In Veld 1 wordt 5 tegen 2 gespeeld (Team rood tegen 2 spelers van Team blauw). In Veld 2 (neutraal veld) wachten de overige 3 blauwe spelers. In Veld 3 bevindt zich Team geel. Verloop: De spelers van Team rood passen met telkens een balcontact de bal naar elkaar. Blauw probeert de bal te veroveren. Lukt het rood om 7 balcontacten te halen, mogen ze een lange bal in Veld 3 naar het gele team slaan. In dat geval zouden 2 blauwe spelers uit Veld 2 naar Veld 3 sprinten en daar proberen de bal van Team geel te veroveren. De overige twee blauwe spelers uit Veld 1 wisselen naar de neutrale zone. Lukt blauw de balverovering in Veld 3, wisselen de overige blauwe spelers naar Veld 3 en drie gele spelers gaan naar Veld 2. Nu speelt Team blauw tegen 2 gele spelers. Na 7 contacten mag weer de hoge bal naar Veld 1 volgen waar dan 5 rode tegen 2 gele spelen enz.
Tip
- Er moet op een precies en drukkend passspel worden gelet. - Het balbezittende team moet zo gestaffeld zijn dat alle zijden van het vierkant en evt. het midden van het veld bezet zijn. - Er moeten driehoeken worden gevormd om aanspeelstations te bieden. - Het passspel wisselt tussen veel korte passes en af en toe lange passes, om de speelvelden te verplaatsen. - De spelers proberen constant hun medespelers als aanspeelstation ter beschikking te staan. - Het team zonder balbezit probeert de passwegen en ruimtes slim af te sluiten en oefent permanent druk uit op de balbezittende speler en zijn buren. - De zijspelers moeten een open spelhouding innemen (zijlijn in de rug), zodat ze altijd het volgende aanspeelstation in het oog kunnen houden. - Deze spelvorm traint het kortpass-/driehoek- en langpassspel alsook spelen in kleine ruimtes met permanente zonewissels. - 8 pionnen