← terug naar overzicht
Balgeleidingstechnieken en finte
 - dribbel + finten in het vierkant
30 min
Voetbal Oefening

Balgeleidingstechnieken en finte - dribbel + finten in het vierkant

Organisatie

Opbouw van een vierkant. Elke speler heeft een bal.

Verloop

De trainer laat de groep zich 2 minuten vrij bewegen en geeft dan oefeningen op: 1. Dribbelen met de binnenkant voet, buitenkant voet en de wreef. 2. Draai met bal om de eigen as. 3. Finten (overstap, uitvalspas, schijnschot, pirouette, American Fake, bal met de zool terugtrekken, Ronaldo-truc I + II) De reeds geleerde technieken worden nu met een obstakel (pion imiteert de tegenstander) ingestudeerd: 1. Groep voor de trainer plaatsen 2. Uitleggen en langzaam de bewegingen voordoen. Eerst frontaal voor de groep, dan van achteren (makkelijker voornkinderen om na te doen) 3. De kinderen de oefening staand laten nadoen 4. De kinderen de oefening in langzame uitvoering laten nadoen 5. De snelheid gestaag opvoeren tot de maximale uitvoeringssnelheid 6. De pion imiteert de tegenstander. Nu heeft de speler een starttiming nodig (wanneer start ik de finte - ca. 2 meter voor de pion) - Finten en balgeleidingstechnieken - In principe geldt: finten zijn lichaamsschijnbewegingen. Dus moet op het bewegingsverloop van het bovenlichaam worden gelet. Oefeningen altijd tweevoetig laten uitvoeren. Veel contacten aan de bal, bal altijd controleren, dicht bij de voet houden, zodat de tegenstander niet bij de bal kan. Doel is de tegenstander uit te spelen en af te schudden. Daarom belangrijk: tempo verhogen na de finte-uitvoering (korte sprint over ca. 2 meter). Rustig eerst langzaam beginnen, in het oefenverloop dan steeds sneller worden. Om finten in te prenten geldt: voortdurend corrigeren, voordoen en praten. Onmisbaar voor het aanleren van nieuwe finten en balgeleidingstechnieken is een hoog aantal herhalingen met veel balcontacten. De trainer geeft de betreffende balgeleidingstechniek/finte op. De spelers lopen daarop een vrije pion aan. Nu moet de speler naast de starttiming ook zijn speloverzicht trainen en erop letten dat niet twee spelers dezelfde pion aanlopen of hij met een medespeler botst.

Tip

- Steeds weer concentratie eisen. - Nauwkeurigheid en tempo zijn zeer belangrijk. - De afzonderlijke oefeningen voor de groep voordoen. Dan de spelers het geziene laten nadoen. Vervolgens in de foutcorrectie gaan c.q. de details van de betreffende techniek uitleggen. - Belangrijk is dat het juiste en begrijpelijke uitleggen niet tot een informatieoverlading mag leiden. - Spelers moeten leren te observeren en uit de observatie de dingen toe te passen. Vergelijkbaar met een wedstrijd. Daar kan de trainer ook niet altijd voorschrijven hoe op de betreffende situatie gereageerd moet worden. - Steeds weer de fouten corrigeren, zodat er geen verkeerde automatismen inslijpen. - Bij het uitleggen en voordoen de groep voor zich verzamelen en niet vergeten de techniekuitvoering ook in achteraanzicht te tonen. - De toespraak afwisselen tussen zakelijke duidelijkheid en inlevingsvermogen. - Bij goede groepen kan ook een stresssituatie worden nagebootst. - Het optreden van de trainer (lichaamstaal, stemgeluid, correctieaanwijzingen) bepaalt bij deze oefenopbouw de kwaliteit van het trainingsverloop. - Oefeningen tweevoetig laten uitvoeren. - De lichaamsschijnbewegingen zijn belangrijk. - De pion moet in tempo worden aangelopen. - De langzame uitvoering leidt op den duur niet tot wedstrijdgerelateerd succes. - 10 pionnen of meer

Trainingsattributen

Techniek

Techniek
Balcontrole Dribbelen Schijnbewegingen/trucs Schottraining

Conditie

Conditie
Actiesnelheid met bal Fitnessprogramma Intervalmethode Krachttraining Snelheid

Coördinatie

Coördinatie
Anticipatiesnelheid Handelingssnelheid

Trainingsorganisatie

Leeftijdsgroep
O6 - O13 O14 - O19
Duur
30 min
Trainingsopbouw
Warming-up
# Spelers
6 - 9 spelers
Trainingsvorm
Individueel training Groepstraining
Oefeningniveau
Gemiddeld
Trainingslocatie
Veld Zaal