Twee groepen stellen zich op bij de tegenover elkaar staande pionnen. Elke groep heeft een bal.
Verloop
Telkens de eerste speler van beide groepen heeft een bal. Beide spelers starten gelijktijdig met de tempodribbel naar de andere kant. De bal verwachtende speler komt de balvoerende speler daarbij 1-2 meter tegemoet en neemt de bal in de voorwaartse beweging mee.
Tip
- Maximale snelheid eisen. - Strakke balleiding. - De twee uitvoerende spelers moeten de looproute van de ander observeren om niet tegen elkaar te botsen. - De bal wordt met de wreef/buitenkant voet en niet met de binnenkant voet geleid. - Om de noodzakelijke balgeleidingstechniek te kunnen toepassen, moet het enkelgewricht worden opengeklapt. De tenen wijzen naar beneden. - De twee bal verwachtende spelers starten zonder bal, direct voordat de balvoerende speler bij de pion is aangekomen. Zo wordt gegarandeerd dat de bal lopend wordt meegenomen. Daardoor wordt enerzijds de balaanname en -meename in beweging getraind en anderzijds een hoog oefentempo gegarandeerd. - Neemt de speler de bal in de beweging met de binnenkant voet mee, dan verloopt de voetbeweging van boven naar beneden. Het bovenlichaam is daarbij licht over de bal gebogen. Bij de meename met de buitenkant voet is het bovenlichaam licht naar binnen gedraaid. De voet is eveneens (licht) naar binnen gedraaid. Het enkelgewricht is opengeklapt. - 2 pionnen