- Er worden 10 veldspelers en 1 keeper volgens de tekening op het speelveld gepositioneerd.
- Aan elke speler/c.q. elke positie wordt een letter toegekend.
- De posities kunnen probleemloos dubbel/meervoudig worden bezet.
- De spelers worden in het 4-4-2 gepositioneerd en in paren onderverdeeld.
- De afstanden in de breedte liggen tussen 7–12 meter (bijv. tussen B en C) en in de diepte tussen 10–15 meter (bijv. tussen B en F).
- De spelers die met een rechthoek omrand zijn, vormen een paar en zijn in het spel verantwoordelijk voor de wederzijdse dekking.
- Deze oefening is een puur statische oefening.
- De spelers moeten op het veld een gevoel krijgen voor de betreffende posities ten opzichte van elkaar.
- De spelers moeten voor de training door de trainer (bij voorkeur aan een tactiekbord) de betekenis van de formatie en de betreffende posities uitgelegd krijgen en erop worden voorbereid wat hen op het trainingsveld te wachten staat.
- Op deze verbaal-theoretische inleiding volgt dan de uitvoering op het veld, die dient voor de visualisering en de statische uitvoering van het in de kleedkamer gehoorde.