Verloop
De spelers doen op aanwijzing van de trainer verschillende coördinatieoefeningen: - Bal in beide handen nemen en van onder naar boven gooien. - Bal recht omhoog gooien en weer vangen. - Bal recht omhoog gooien en een keer in de handen klappen, dan weer vangen. - Bal recht omhoog gooien, een keer in de handen klappen, met de rechterhand de rechter bovenbeen aanraken en weer vangen. - Bal recht omhoog gooien, een keer in de handen klappen, achtereenvolgens rechterhand op rechter bovenbeen en linkerhand op linker bovenbeen leggen en weer vangen. - Bal recht omhoog gooien, een keer in de handen klappen, achtereenvolgens rechterhand op rechter bovenbeen en linkerhand op linker bovenbeen, een keer in de handen klappen en weer vangen. - Bal recht omhoog gooien, een hele draai maken en weer vangen. - Bal recht omhoog gooien, op de billen zitten, benen uit elkaar, bal stuitert tussen de benen, weer opstaan en bal oppakken. - Bal omhoog schieten en aanname met dropkick, van achteren door de benen met binnenkant voet als afhaken, per borst/bovenbeen of wreef c.q. met wreef door de benen.