Een ronde duurt ca. 10 seconden of 8-10 sprongen. Het aantal spelers is vrij te kiezen. Twee pionnen kunnen bijvoorbeeld de start en het einde markeren.
Verloop
De spelers springen op de voorvoet met beide benen explosief omhoog. Op het moment van de afzet zijn de benen gestrekt en de armen ondersteunen de afzet door mee omhoog te slingeren. Het bovenlichaam wordt gestrekt en wijst in de afzetrichting. Bij de landing worden de knieën gebogen en de romp verlaagd, om meteen weer nieuwe vaart te nemen en impulsief te kunnen afspringen.
Tip
- De handpalmen zijn open (scheelt bij een sprinter 3/100 sec.). - Het bovenlichaam is licht naar voren gebogen. - Snelle, korte bewegingen. - Kort bodemcontact. - De sprongen gaan de hoogte in. - Met de armen wordt vaart genomen. - Krachtvretende oefening. - Niet met de hele voet neerkomen.