← terug naar overzicht
Lineair passeerwerk met positiewisseling I
15 min
Voetbal Oefening

Lineair passeerwerk met positiewisseling I

Organisatie

Met behulp van vier pionnen wordt een vierkant opgebouwd. Bij de diagonaal tegenoverliggende pionnen staat telkens een speler met bal.

Verloop

Beide spelers passen hun bal eerst verticaal (in de diepte/lengte) naar de tegenoverliggende pion en lopen direct na het balcontact horizontaal (in de breedte) naar de andere pion, om daar de aankomende pass van de medespeler direct verticaal terug te laten kaatsen. Alternatief: Als vereenvoudiging kan deze oefening met balcontrole vóór de pass uitgevoerd worden.

Tip

De oefening werkt alleen wanneer de timing van de passes overeenkomt met de positiewisselingen van de spelers. Doel is om een constant ritme in het oefeningsverloop te krijgen. Er moet op gelet worden dat tweevoetig gepasst wordt. Een nauwkeurig passeerwerk is voor een succesvol voetbalspel van enorm belang. Daarom moet het passeerwerk steeds weer geoefend worden. Daarbij mag niet vergeten worden dat bij foutieve uitvoering gecorrigeerd en de oefening juist getoond moet worden. Verdere belangrijke kenmerken: - Het standbeen moet op 30 - 40 cm afstand zijwaarts naast of op hoogte van de bal geplaatst worden. - Bij de binnenkant voet-pass wijst de voetpunt omhoog, de enkel is stevig aangespannen en het bovenlichaam is licht naar voren over de bal gebogen. - Op de bal van de voet staan, speelvoet licht optillen en de bal in het midden raken. Lichaam over de bal brengen en niet naar achteren in het holle kruis gaan (op dezelfde wijze gebeurt de balcontrole en het aannemen). - Na het raken van de bal het been doorswaaien. - Op de armen letten! Bij het passen met de rechter binnenkant voet gaat de linkerarm naar de rechterheup, bij de linker binnenkant voet gaat de rechterarm naar de linkerheup! - Bij de wreefpass is de enkel gestrekt, tenen wijzen naar de grond en het bovenlichaam is licht over de bal gebogen. - Bij het spelen van de bal met de buitenkant voet kan men makkelijk naar achteren leunen. - Bij de binnenkant voet-trap beweegt men zich zijwaarts verschoven naar de bal, het lichaam gaat in een schuine positie. - 4 pionnen

Trainingsattributen

Techniek

Techniek
Balaan- en -meename Balcontrole Passtraining

Trainingsorganisatie

Leeftijdsgroep
O6 - O13 O14 - O19
Duur
15 min
Trainingsopbouw
Warming-up Hoofddeel
# Spelers
1 - 5 spelers
Trainingsvorm
Individueel training Partneroefening
Oefeningniveau
Makkelijk Gemiddeld
Trainingslocatie
Zaal Veld