Oefening KW22: 2 tegen 2 met tegenstander in de rug
Organisatie
Met pionnen wordt een veld afgebakend. Op beide kopzijden van het veld wordt een doel opgebouwd, waarin telkens een keeper gaat. 10 veldspelers begeven zich volgens de afbeelding op het speelveld. Ter markering van de middellijn wordt aan de zijlijnen telkens een pion geplaatst.
Verloop
Naast de doelpalen staan telkens twee veldspelers en in het midden van het speelveld eveneens. Speler J staat met de rug naar het doel in balbezit en passt de bal naar speler I, die in het hoogste tempo naar de bal loopt en een dribble start. Verdediger A attackeert J. Na de openingspass sprint de tweede verdediger B van de doellijn richting speler I en attackeert deze. Er ontstaat nu een 2 tegen 2 - spelsituatie. Verkrijgt het defensieve team balbezit, dan mag het op het tegenoverliggende doel afronden.
Tip
- Bij de uithaalbeweging van de passspeler start de tweede aanvallende en verdedigende speler. - De aanvaller probeert zijn sprinttempo uit te nutten. - De verdedigende spelers proberen de aanvaller zo vroeg mogelijk te attackeren, zodat deze geen tempo kan opbouwen en indien mogelijk hun lichaam met de schouder naar voren tussen zichzelf en de aanvaller te plaatsen. - De verdedigende speler probeert de aanvaller in te halen, of de passweg dicht te zetten of hem zijwaarts af te dringen. - De verdedigende speler probeert het duel met balbezit te winnen. - De verdediger moet de weg naar het doel dichtzetten. Zijwaarts verschoven staan, zodat de aanvaller de doelverwijderde weg moet kiezen. - 6 pionnen, 2 groot velddoel(en)
Trainingsattributen
Techniek
Techniek
Balaan- en -meenameDribbelenSchijnbewegingen/trucsPasstrainingSchottraining
Tactiek
Tactiek
TeamgedragSpelersgedragOndertal / overtal
Conditie
Conditie
Actiesnelheid met balBasisuithoudingsvermogenKrachttraining