Er wordt een doel centraal op de achterlijn en een doel centraal op de middenlijn geplaatst. Er worden twee 8-teams gevormd; in beide doelen staat een keeper.
Verloop
Beide teams spelen tegen elkaar, waarbij afwisselend van het ene team altijd 8, van het andere team altijd 6 spelers op het veld staan. Het verdedigende team start met 6 veldspelers, het aanvallende met 8. De twee niet aan het spel deelnemende spelers van het verdedigende team lopen een ronde om het hele veld. Zodra ze een ronde hebben afgelegd, moeten van het andere team twee spelers een ronde draaien enz.
Tip
- De focus van deze spelvorm ligt enerzijds op het instuderen van de loopwegen in het verdedigingsverband met de vervolgacties 'snel omschakelen van verdediging naar aanval' en balcontrole na balverovering. Anderzijds wordt bij het balbezittende team het vrijloopspel met als doel een doelpunt te scoren ingeoefend. - Doel voor de verdedigers is om ofwel in balbezit te komen of de balbezittende aanvaller naar de doelongevaarlijke ruimte aan de zijkant af te dringen en hem door dubbelen of inschuiven de passweg naar het doel/naar de medespeler te versperren. De middenvelder probeert te dubbelen of de passweg dicht te zetten. - In de aanval is permanent bewegen en een snel, precies passspel vereist. Daarbij moet volgens de 2-4-2-formatie (variabel 4-3-1 etc.) een dieptestaffeling van de spelers gewaarborgd zijn en dus bewegen op een lijn worden vermeden (dieptestaffeling betekent het creëren van aanspeelstations). De buitenspelers moeten de breedte van het speelveld benutten en aan de buitenlijn staan. - Wordt de aanval via de buitenspelers opgebouwd, dan proberen de spelers vanuit de halfpositie te onderlopen of in de achterruimte als passontvanger en voorzetter te fungeren. De buitenspeler heeft de optie te gaan dribbelen, een voorzet te geven of de bal door te passen. - Door passen in de diepte (op de spitsen) wordt de verdedigingslinie in een voorwaartse beweging gebracht. Door het verder verplaatsen van de bal naar de buitenkanten wordt de verdedigingslinie gedwongen voorwaarts naar de zijkant te verschuiven. Dit leidt ertoe dat het aanvallende team ruimtes in de diepte krijgt, alsook de mogelijkheid krijgt om door een diagonale bal naar de vrijgekomen kant te passen. - De aanval moet onder een zekere tijdsdruk worden afgerond. Want wanneer de twee buitenlopende spelers het speelveld een keer hebben omrond komen ze in het spel en het balbezittende team wordt het ondertalteam. Zo verandert hun taakstelling in balcontrole in ondertal. - 2 groot veld-doel(en)