← terug naar overzicht
Passeerwerk met hoog herhalingsaantal
20 min
Voetbal Oefening

Passeerwerk met hoog herhalingsaantal

Organisatie

Er worden drie pionnen achter elkaar op een lijn geplaatst. Bij elke pion staat op een afstand van 5 - 8 meter een speler.

Verloop

Er volgt een passeerwerk tussen de betreffende spelers. Daarbij loopt de middelste speler de buitenste speler enigszins tegemoet, wordt aangespeeld en laat de bal terugkaatsen. Vervolgens draait de middelste speler 180° en loopt naar de andere medespeler, van wie hij weer een pass ontvangt. Alternatief: De volgende pass- en aannamecombinaties zijn mogelijk: - Met binnenkant voet aannemen, vervolgens terugpassen - Balcontrole en aannemen, draai naar de schaduwspeler en pass naar deze enz. - Met wreef- of binnenkant voet-trap terugpassen - Direct volleyretourspel na halfhoge balinworp - Binnenkant voet/wreef of buitenkant direct laten terugkaatse - Met het hoofd aannemen, met de voet terugspelen - Met de knie aannemen, met de voet terugspelen - Met de borst aannemen, met de voet terugspelen

Tip

- Bij foutieve uitvoering corrigeren en juist voordoen. - De precisie van de passes gaat vóór uitvoeringssnelheid. Pas wanneer de passes de medespeler nauwkeurig bereiken, kan het tempo verhoogd worden. - Bij verhoging van het tempo komt er tijdsdruk voor de passontvanger door de passgever bij. - Door een langere uitvoering van de oefening kan het tot concentratieproblemen komen en daardoor de foutfrequentie van de middenspeler toenemen. Daarom moet deze elke 60 seconden gewisseld worden. Verdere belangrijke kenmerken: - Het standbeen moet op 30 - 40 cm afstand zijwaarts naast of op hoogte van de bal geplaatst worden. - Bij de binnenkant voet-pass wijst de voetpunt omhoog, de enkel is stevig aangespannen en het bovenlichaam is licht naar voren over de bal gebogen. - Op de bal van de voet staan, speelvoet licht optillen en de bal in het midden raken. Lichaam over de bal brengen en niet naar achteren in het holle kruis gaan (op dezelfde wijze gebeurt de balcontrole en het aannemen). - Na het raken van de bal het been doorswaaien. - Op de armen letten! Bij het passen met de rechter binnenkant voet gaat de linkerarm naar de rechterheup, bij de linker binnenkant voet gaat de rechterarm naar de linkerheup! - Bij de wreefpass is de enkel gestrekt, tenen wijzen naar de grond en het bovenlichaam is licht over de bal gebogen. - Bij het passen van de bal met de buitenkant voet kan men makkelijk naar achteren leunen. - Bij de binnenkant voet-trap beweegt men zich zijwaarts verschoven naar de bal, het lichaam gaat in een schuine positie. - 3 pionnen

Trainingsattributen

Techniek

Techniek
Balaan- en -meename Balcontrole Kopbaltraining Passtraining Schottraining

Trainingsorganisatie

Leeftijdsgroep
O6 - O13 O14 - O19
Duur
20 min
Trainingsopbouw
Warming-up Hoofddeel
# Spelers
1 - 5 spelers
Trainingsvorm
Individueel training Groepstraining
Oefeningniveau
Makkelijk Gemiddeld
Trainingslocatie
Zaal Veld