Tip
- De handpalmen zijn open, geen vuisten maken (scheelt bij een sprinter 3/100 sec.) - Lopen op de voetballen, niet op de hele voet. - Losjes, lichtvoetig optreden, niet stampen. - De aan het lichaam gebogen armen bewegen zich afwisselend met de benen mee. Niet van het lichaam af. - Snelle, korte bewegingen. - Korte bodemcontacttijden. - Skippings: korte, snelle bewegingen op de voetballen (niet op de hele voet). De hakken mogen de grond niet raken, de benen/armen zijn gebogen en pendelen volgens de natuurlijke tegenloopbeweging (rechterarm/linkervoet) mee. Het bovenlichaam is naar voren gebogen. Korte bodemcontacttijd, hoogste tempo. - De spelers moeten op hun loopwegen letten zodat ze niet tegen elkaar botsen. - Bij het dribbelen is een nauwe, precieze balcontrole in het hoogste tempo gevraagd. - De bal moet direct naast het pion neergelegd worden. - Deze oefening kan als wedstrijd op tijd uitgevoerd worden. - 2 pionnen, 8 horde(n)