De spelers positioneren zich in tweetal-rijen naast de startpion en voeren de volgende oefeningen uit door zich richting de doelpion te bewegen. Op de terugweg naar de startpion wordt rustig gedraafd: - Zijwaarts verspringende sprongen (skiërssprong/-beweging) - Achterwaarts lopen - Soldatenloop - Kniehefloop - Hinkelloop - Verspringen (driesprong-gazelle) - Hielen aan de billen (hakken) - Skipping (korte, snelle bewegingen op de voetballen/niet op de hele voet)
Tip
- De oefeningen moeten in het snelst mogelijke tempo worden uitgevoerd. - De sprintrelevante spiergroepen worden geactiveerd. - 2 pionnen