Er worden een startpion en daarachter 3-8 achter elkaar opgebouwde horden op het veld geplaatst. De spelers stellen zich achter elkaar op bij de startpion. Per station niet meer dan 5-8 spelers.
Verloop
De speler maakt tweebeinige sprongen over de horden. Tussen de horden is slechts één grondcontact. Alternatief: Eenbeinige sprongen afwisselend of met hetzelfde been.
Tip
De handpalmen zijn open (maakt bij een sprinter 3/100 sec. uit). - Er wordt op de voetballen gelopen en niet op de hele voet respectievelijk de hiel. - Snelle, korte, vloeiende bewegingen. - Korte grondcontacttijd. - Door een krachtige, tweebeinige afzet worden de knieën licht gebogen. De armen zijn gebogen en gaan in de uithaalbeweging. Het bovenlichaam is rechtop. Er wordt op de voetballen geland. - De eenbeinige sprong dient voor de ontwikkeling van de afzetkracht (verhoging van de maximale en explosieve kracht bij beperkte afzettijd), oftewel de startsnelheid. Er wordt vanaf de rechtervoetbal naar voren gesprongen en met dezelfde voet op de bal geland. Kort grondcontact met explosieve sprint. De linkervoet zet naar voren bewegend neer. - Worden de sprongen geïsoleerd uitgevoerd, dan gaat het er alleen om zo hoog mogelijk te springen. Daarbij wordt met beide armen vaart genomen. Deze sprongtechniek noemt men ook counter movement. - 1 pion, 3 horde(n)
Trainingsattributen
Conditie
Conditie
Bewegingssnelheid zonder balKrachttrainingSnelheid