← terug naar overzicht
Techniekcombinatie 4
15 min
Voetbal Oefening

Techniekcombinatie 4

Organisatie

Elke speler heeft een bal. Opbouw van een pionnenvierkant of vrij in de ruimte.

Verloop

Korte dribbel met aansluitende dubbele uitvoering van de pirouette rechts/links. Direct daarna de bal met de voetzool stoppen en hem in een vloeiende beweging met de binnenkant, tegenovergesteld aan de oorspronkelijke looprichting, meenemen (Amerikaanse finte). Daarbij wordt de bal nu snel met de wreef gevoerd (afwisselend rechts/links met telkens één tussenstap). Na telkens vier contacten met de rechter- en linkervoet begint de techniekcombinatie opnieuw. (Pirouette/Amerikaanse finte/wreef-dribbel). Tekening aan de hand van een pirouette met aansluitende Amerikaanse finte en wreef-dribbel rechts. 1.-6. Pirouette 1. Korte dribbel. 2. Inleiden van de pirouette door plaatsing van de rechterzool op de bal. 3. Draai om de eigen lichaamsas naar links. Het standbeen verlaat de grond. 4.-5. De draai wordt voortgezet. Het standbeen wisselt. De linkerzool gaat op de bal. 6. De pirouette is afgerond. De oorspronkelijke looprichting is ca. 90° veranderd. 7.-9. Amerikaanse finte 7. Rechterzool gaat op de bal. 8.-9. Met de rechterbinnenkant wordt de bal achter het standbeen langs in de tegenovergestelde richting gespeeld. 10. Wreef-dribbel (tegenovergesteld aan de oorspronkelijke looprichting bij het begin van de pirouette).

Tip

Pirouette: - De speler start met een dribbel. Wanneer hij de pirouette met de rechtervoet inleidt, zet hij daartoe de rechtervoetzool op de bal (het kniegewricht vormt een hoek van 90 graden), draait zich 180 graden naar links (linkerschouder gaat naar achteren) en zet de rechtervoet links naast de bal neer. Met de tweede balaanraking wordt de bal met de linkervoetzool (linkerbeen eveneens gebogen als eerder rechts) naar achteren getrokken en zich nogmaals 180 graden gedraaid. Nu is de speler weer in de uitgangspositie. Bij dit bewegingsverloop wordt het linkerbeen in de draaibeweging links van de bal neergezet en de bal met de rechterbuitenkant naar de rechterkant verder gevoerd. - Eerst langzaam instuderen. - Voor de juiste draai kan de hand de schouder vastpakken waarnaar gedraaid wordt. - Snelle, vloeiende beweging. Amerikaanse finte: - Het bovenlichaam wordt bij het stoppen en terugtrekken van de bal iets rechter dan eerder bij de pirouette. - Niet in achterwaartse positie gaan. - Het enkelgewricht moet voor het afhaken met de binnenkant opengeklapt zijn en de tenen wijzen richting de grond. - Het enkelgewricht wordt 90 graden naar binnen gedraaid. - Het standbeen beweegt eveneens zijwaarts. - De voet dekt de bal af, zodat de tegenstander hem niet kan spelen. - Bij uitvoering volgt een 180 graden draai en een afsluitende dribbel in de tegenovergestelde looprichting (naar achteren). - Wordt de finte met links uitgevoerd, dan volgt een rechtsdraai. Met links andersom. Dribbel met de wreef: - Het enkelgewricht is opengeklapt, de tenen wijzen naar de grond. - De bal wordt met de wreef gevoerd ("met de tong van de schoen"). - 4 pionnen

Trainingsattributen

Techniek

Techniek
Balaan- en -meename Balcontrole Dribbelen Schijnbewegingen/trucs Schottraining

Conditie

Conditie
Krachttraining

Coördinatie

Coördinatie
Handelingssnelheid

Trainingsorganisatie

Leeftijdsgroep
O6 - O13 O14 - O19
Duur
15 min
Trainingsopbouw
Warming-up Hoofddeel
# Spelers
1 - 5 spelers
Trainingsvorm
Individueel training Groepstraining
Oefeningniveau
Gemiddeld
Trainingslocatie
Veld Zaal