Op de kopzijde van het veld wordt een doel geplaatst, waarin een keeper gaat. 8 veldspelers worden volgens de afbeelding op het speelveld gepositioneerd. Op de linker/rechter buitenbaan gaan telkens twee spelers op 10-15 meter afstand van elkaar. De beide spitsen nemen hun positie op 10 meter afstand van elkaar, op hoogte van de strafschopgrens, in. De overige spelers stellen zich in paren achter de spelers B en C op. De ballen zijn in de middencirkel.
Verloop
Speler C speelt een halfdiagonale pass op speler A (1) en begeeft zich samen met speler B voor het strafschopgebied. A passt de bal direct naar de kort tegemoekomende spits I (2). I passt nu richting hoekschopvlag/achterlijn in de loop van speler E (3) en begeeft zich samen met zijn spitspartner J in het strafschopgebied. E zet de bal direct voor vanuit de flank (4), waar I en J kruisen en proberen de bal te verwerken. B en C verwerken de ballen die in de centrale terugliggende ruimte komen, H en D die in de zijdelingse terugliggende ruimte komen. A loopt richting de startpositie van E om E in de rug af te beveiligen en als aanspeelstation voor een terugpass beschikbaar te zijn. Vervolgens begeven de spelers zich weer naar hun startposities en voor B en C schuiven de volgende twee spelers door.
Tip
- De spitsen kruisen richting eerste en tweede paal. - Bij het kruisen is belangrijk dat de spelers zich na de voorlaatste pass in beweging zetten en kort voor de uithaalbeweging van de voorzetter in sprinttempo explosief van positie wisselen. - De kruisende spelers resp. aanvallers mogen niet te vroeg starten. - Erop letten dat de ingestudeerde bewegingspatronen tot een snelle, vloeiende totaalbeweging leiden. - De blik moet regelmatig van de bal losgemaakt worden (afwisselende blik richting bal en naar voren). - De pass verwachtende speler maakt, gelijktijdig met de uithaalbeweging van de passgever, een korte tegenbeweging. - De pass moet in de looplijn van de balverwachtende starter gespeeld worden. - De passspeler moet de looplijn van de balverwachtende speler observeren. - 1 groot doel(en)